Belgische Vereniging van Artsensyndicaten

TOP 25 - 2018

TOP 25 van de werkzame bestanddelen van de uitgaven in de ambulante sector

De TOP 25 van de werkzame bestanddelen1 vertegenwoordigen 35 % van de totale netto-uitgaven (dit zijn de uitgaven voor de verplichte ziekteverzekering) en 23 % van het behandelingsvolume (DDD2). Ter verduidelijking: er bestaan naast deze 25 werkzame bestanddelen nog 724 werkzame bestanddelen waarvoor er een tegemoetkoming is door de verplichte ziekteverzekering in de ambulante sector.

 

De TOP 25 is in 2018 gevoelig vernieuwd, met voortaan 5 moleculen die voor de eerste keer vergoedbaar werden tijdens de laatste 5 jaren. Het recentste geneesmiddel is Edoxaban (nieuw oraal anticoagulans), vergoedbaar sinds november 2016.

 

Omgekeerd dateren 8 werkzame bestanddelen van vóór het jaar 2000.

 

Bepaalde werkzame bestanddelen zijn “oude bekenden” van de TOP 25: omeprazol, simvastatine en bisoprolol waren reeds aanwezig in de TOP 25 van 1997 (het eerste jaar waarin Farmanetgegevens beschikbaar waren).

 

We zien een lange termijn trend in het type moleculen dat vertegenwoordigd is in de TOP25. Steeds meer zijn het moleculen die tot het therapeutisch arsenaal van de specialisten behoren. In 2018 zijn er 11 die voor meer dan 50% door specialisten worden voorgeschreven (50% van het aantal DDD).
In 2007 waren dat er maar 4 en in 1997 slechts één.

 

Het is mogelijk om op basis van de databankgegevens het aantal patiënten te bepalen aan wie een bepaald werkzaam bestanddeel minstens éénmaal dat jaar werd afgeleverd3. Deze informatie geeft een ander beeld dan het volume uitgedrukt in DDD of in kost en laat ons toe om de moleculen te typeren volgens :

  • de epidemiologie (aantal behandelde patiënten),
  • de behandelingsduur (aantal DDD/patiënt),
  • de behandelingskost per dag voor de verzekering (netto RIZIV-uitgaven/DDD).

Eén derde van de moleculen in de TOP 25 (8 moleculen) wordt slechts afgeleverd aan kleine groepen patiënten (minder dan 10.000 personen), voor langdurige behandelingen (vaak chronisch) met een hoge dagelijkse kost. Typische voorbeelden hiervan zijn de immunosuppressoren, behandelingen voor hemofilie en dimethylfumaraat gebruikt bij de behandeling van multiple sclerose.

 

Andere moleculen worden daarentegen voorgeschreven aan grote aantallen patiënten maar hebben, gelukkig voor het budget, relatief gezien een lagere dagelijkse kost. In deze groep zien we drie statines (rosuvastatine, atorvastatine en simvastatine) en twee protonpompinhibitoren (omeprazol en pantoprazol; deze laatste molecule wordt inmiddels aan bijna 1,4 miljoen patiënten voorgeschreven).

 

De eerste plaats wordt nog steeds ingenomen door adalimumab, een TNF-remmer die gebruikt wordt om inflammatoire processen bij zware aandoeningen af te remmen als de klassiekebehandelingen niet helpen. Adalimumab wordt in 44% van de gevallen voorgeschreven door reumatologen (vooral om reumatoïde polyartritis te behandelen), in 36% van de gevallen door gastrologen (ziekte van Crohn) en in 16% van de gevallen door dermatologen (psoriasisreuma). Het aantal patiënten blijft beperkt maar de behandeling is duur (37 euro per DDD).

 

Op de tweede plaats staat rivaroxaban, één van de vier nieuwe orale anticoagulantia (NOAC) die in de TOP 25 staan. De NOAC hebben in 7 jaar tijd een belangrijke plaats ingenomen onder de anticoagulantia. Ze worden inmiddels gebruikt bij de meerderheid van de behandelingen (59% volgens het aantal DDD), vóór de heparines (26%) en de vitamine K antagonisten (14%).

 

Op de derde plaats staat pantoprazol. In 10 jaar tijd is het volume van deze molecule in DDD maal 7 gegaan. Ze vertegenwoordigt inmiddels 55% van de behandelingen met protonpompinhibitoren.

 

Deze protonpompinhibitoren zijn sinds het begin van Farmanet nooit uit de TOP 25 weggeweest, ondanks belangrijke maatregelen die de prijs van deze behandelingen verlaagden. Tussen 1998 en 2018 werd de gemiddelde prijs door 7 gedeeld maar tezelfdertijd werd het volume van deze behandelingen met 11 vermenigvuldigd.

 

De TOP 25 van 2018 bevat:

  • zes immunosuppressiva geïndiceerd voor de behandeling van actieve reumatoïde artritis, ziekte van Crohn, psoriasis en multiple sclerose (adalimimab, etanercept, ustekinumab, dimethylfumaraat, golimumab en secukinumab),
  • vijf werkzame bestanddelen die gebruikt worden bij de preventie van trombosen (enoxaparine, rivaroxaban, dabigatran etexilaat, apixiban en edoxaban),
  • drie cholesterolverlagende middelen (atorvastatine, rosuvastatine en simvastatine),
  • twee antidiabetica (insuline glargine en metformine),
  • twee protonpompremmers die dienen om de maagzuursecretie te remmen (omeprazol en pantoprazol),
  • twee combinaties gebruikt bij de behandeling van HIV infectie (lamivudine + abacavir + dolutegravir en emtricitabine + tenofovir alafenamide + elvitegravir + cobicistat),
  • een werkzaam bestanddeel gebruikt bij o.a. de behandeling van hypertensie (bisoprolol),
  • een werkzaam bestanddeel gebruikt bij COPD en astma (formoterol met een corticosteroïd),
  • een atypisch antipsychoticum geïndiceerd voor de behandeling van schizofrenie en schizo-affectieve stoornissen (paliperidon),
  • een stollingsfactor (bloedstollingsfactor VIII),
  • een werkzaam bestanddeel (denosumab) dat zowel voor de behandeling van osteoporose als solide tumoren met botmetastasen gebruikt wordt.

 

  1. Deze top 25 heeft enkel betrekking op de werkzame bestanddelen die door de open officina worden afgeleverd
  2. Defined Daily Dose ; een groep deskundigen van de WHO definiëren per werkzaam bestanddeel een gemiddelde dagdosis (DDD) rekening houdend met de dosis die voor het geneesmiddel wordt gebruikt in zijn voornaamste indicatie bij een volwassene. Het gaat uiteraard om een meeteenheid en niet om een norm van goede praktijk
  3. Het aantal verschillende rechthebbenden dat minstens 1 verpakking met het bijhorende werkzame bestanddeel afgeleverd hebben gekregen gedurende het jaar 2018, wordt opgeteld.

 

Bron: RIZIV

 

 

 

 

Publicatie datum: 18/12/2019